Bij Op de Proef kom je twee counselors tegen: Natasja en Michel. Met Natasja maak je kennis als je voor het eerste gesprek komt. Zij bespreekt met jou of Op de Proef iets voor je kan zijn. De andere counselor is Michel, hij is zorgprofessional en is ervaringsdeskundig op het gebied van verslaving & herstel. Samen leiden zij alle groepssessies. Naast Natasja en Michel zijn er de persoonlijk begeleiders, ook zij zijn zorgprofessionals. Vanaf het moment dat je bij Op de Proef komt krijg je een vaste persoonlijk begeleider die samen met jou in kaart brengt waar je onze hulp bij nodig hebt. Een speciale functie die we bij Op de Proef hebben is voor Dion, hij is onze huismeester en begeleider. Als je bij ons komt wonen, dan kom je hem tegen.
Susan heeft bij wat jongeren nagevraagd hoe ze haar zien: “Ze zien me ‘als een aardige vrouw die graag wil helpen en die rust uitstraalt. Als iemand die niet snel onder de indruk is.’ Dat klopt wel. In haar begeleiding vindt zij het belangrijk dat de jongeren durven aangaan waar ze mee zitten. “Ik wil dat jongeren zich vrij voelen om ‘open’ te zijn. Dat ze me dingen vertellen waarvan ze weten dat ze er ‘gezeur’ mee krijgen. Of me gekke of genante dingen vragen. We doen het samen.” Susan geeft een paar voorbeelden waarom ze haar werk bij Op de Proef zo mooi vindt. “Zo mooi als je ziet dat een jongere die eerst als een ‘blok beton’ was en geen emoties toonde, een oprechte lach laat zien. Als iemand zegt: “Ik heb nog nooit zo fijn met mijn vader gepraat.” Of een jongere die we naar de sportcoach hebben moeten ‘schoppen’. Hij belde huilend op: “Ik wil niet meer.” Wat dan wel? Hij wilde zelf wel naar de sportschool. En nu gaat hij ook zelf. En soms gaat de sportcoach met hem mee! Of een andere jongere, het was net of je aan een dood paard trok. Hij wilde niks, hield zich niet aan afspraken en was verslaafd aan blowen. Nu heeft hij de omslag gemaakt en heeft zelfs een baantje. Dat vind ik supermooi!”
Ze omschrijft haar leven voor Op de Proef als ‘nutteloos’. “Ik lag in bed en ging bijna niet naar school. Ik had lichamelijke klachten en was veel ziek. Ik had geen doel in mijn leven. Emoties bestonden voor mij niet. Ik sloot me daar voor af. Ik schaamde me kapot dat ik zo moest huilen. En ik was boos, want dat mocht ik van mezelf niet. Daarna ging ik wel meer delen, omdat iedereen het deed. Alles wat de begeleiding zei, nam ik wel aan. Het echte vertrouwen kwam pas later, na de 12 weken.”
Het is hard werken, maar:
• Je leert hoe je met je problemen om kunt gaan
• Je leert verantwoordelijkheid nemen
• Je leert hulp vragen en keuzes maken
• Je leert verdragen
• Je ervaart dat je er mag zijn, dat je de moeite waard bent
• Je vergroot je eigenwaarde
Je leert van elkaar, wordt door elkaar gehoord en gezien. Daardoor krijg je vertrouwen in jezelf en durf je te veranderen.
Na de 12 weken kan je op een positieve manier verder met je leven. We laten je daarbij niet los!